-kopTerug naar de voorpagina...

Geiten, Grieken en Gekken…

29 juni 2015 – In het grijze verleden, volgens mij nog in de jaren dat ik bij het Sneeker Nieuwsblad werkte, verscheen van de hand van Rink van der Velde het boek ‘Geiten, Grieken en Gekken’. Sikke F. Doting attendeerde er mij op. Doting bestierde indertijd een handelsfirma die snuisterijen uit India importeerde en ze vervolgens verkocht aan winkels.

cultuur en toerisme Hij dronk vaak koffie in de drukkerij. Hij runde zijn negotie namelijk als eenling vanuit een pakhuisje in de Hooiblokstraat en wilde dus wel eens voor een praatje onder de mensen zijn. En praten kon hij. (Later verhuisde hij naar Workum en ondertekende hij zijn ingezonden stukken in de LC met ‘Frijhear fan Warkum’.)

Sikke reisde ooit met een veetransport van Friesland naar Griekenland. Dat ging toen per trein en deels door communistisch gebied. Sikke herkende veel in de ervaringen van Rink van der Velde, die zijn herinneringen als journalist/veedrijver onder eerdergenoemde titel boekstaafde.

Ik las vanmorgen op de site van Omrop Fryslân dat zich onder de ark van Rink van der Velde zaliger een ‘stienmurd’ had genesteld. Deze bunzingsoort stinkt verschrikkelijk. (Vandaar ook de uitdrukking ‘stjonke as in murd’.) Maar de bunzing is een beschermde diersoort, dus… een creatieve oplossing is gewenst.

Misschien dat het beest wel verdwijnt als de voorspelling van Piet Paulusma uitkomt. ‘Wy krije in hjitteweach’, aldus opnieuw de site van de Fryske Omrop. (Piet heeft dit woord zeker niet in de mond genomen.) Hjitteweach, ik heb er het Frysk Hânwurdboek erop nageslagen, maar kon dit woord niet vinden.

Ik snap het wel, het is een letterlijke vertaling van het Nederlandse hittegolf. Maar ik vermoed dat zelfs de Friese taalpuristen ‘harsenskrabje’ om ‘hjitteweach’ te begrijpen. Net zoals je heel goed moet nadenken over wat de Grieken momenteel doen.

Nou ja, niet alle Grieken natuurlijk. Het zijn vooral de politici van dit land van cultuur en toerisme (zie foto boven) onder aanvoering van de premier Tsipras en Varoufakis, zijn minister/hoogleraar in speltheorieën, die voortdurend met vuur speelden, iets waar ze in Griekenland gek op schijnen te zijn.

sirtaki op zakynthos

Maar één keer gaat het fout en dat is dit weekeinde gebeurd. Europa zag de Griekse onderhandelaars de zaal verlaten. Athene kwam met een nieuwe voorwaarde. Het Griekse volk moest maar ja of nee zeggen tegen de Europese voorstellen. Een referendum.

Wij zijn de bakermat van de democratie, zei de premier trots. Maar, zo leerden wij op school: democratie is vooral rekening houden met de minderheid. Dus al 51 procent tegen de voorstellen is, dan is de minderheid, 49 procent, voor. En daar moet je rekening mee houden.

Het probleem is heel simpel: de Griekse staat leefde op de pof. Er werd geld uitgegeven dat de staat niet in de knip had. Om dat te kunnen financieren, moest er geleend worden. Net als bij een hypotheek wordt aan zo’n lening voorwaarden gesteld. En je moet terug betalen.

Dat vinden de Grieken blijkbaar vreemd. Maar wij vinden ook wel zaken in Griekenland vreemd. Bouw een huis, zorg dat de bovenste etage niet klaar is en je betaalt geen onroerend goed belasting, zoals wij doen. Dat vindt men daar normaal.

En wat gebeurde er met het geld dat Europa aan Griekenland leende? De miljarden werden door de rijken gelijk door geboekt naar hun rekeningen in Zwitserland en Luxemburg of hoe de belastingparadijzen met hun bankgeheim ook mogen heten.

Nu de onderhandelingen geklapt zijn, breekt de pleuris in het zonnige zuiden uit. Dinsdag moet Griekenland een deel van de lening terugbetalen. Maar er is geen geld. De meeste geldautomaten zijn leeg gespuugd.

Tot zondag, als dat hierboven genoemde referendum gehouden wordt, blijven de banken dicht. Niet vanwege die volksraadpleging, maar vanwege het feit dat niet de bodem van de schatkist in bereikt, maar er in de kelders onder die bodem geen cent meer te vinden is.

Frou D. en ik zijn verschillende keren in Griekenland geweest, op het vasteland en op enkele eilanden. We hebben met heel wat goedwillende en hardwerkende Grieken kennis gemaakt. De Griekse cultuur en de Griekse mythologie interesseren mij bijzonder. Ik heb rondgelopen waar ooit, 776 jaar voor Christus, de eerste Olympische Spelen werden gehouden.

Ik hou van Griekse yoghurt en geitenkaas. Ik ken de Ilias en de Odyssee en ik heb nog één wens: ooit de godenberg Olympus zien en het orakel van Delphi raadplegen. Maar of het zover ooit komt? Beleef ik het nog dat het doek voor deze moderne Griekse tragedie valt? Onder begeleiding van het slotapplaus van het publiek?


De goede gedachten der herinnering…

26 juni 2015 – ‘Afscheid nemen is met zachte vingers, wat voorbij is dichtdoen en verpakken in de goede gedachten der herinnering.’ Een mooie tekst. Ik vond hem op een site met citaten nadat ik in een zoekmachine ‘afscheid’ had ingetikt.

Drie keer heb ik deze week afscheid genomen. Eén keer met een handdruk, eenmaal via het bijwonen van een indrukwekkende ‘dienst’ en tenslotte een keer in gedachten.

afscheid Sjoerd TolsmaWoensdagmiddag stond ik in de rij om Sjoerd Tolsma te bedanken voor wat hij als wethouder voor Súdwest-Fryslân had betekend. Ik noemde het een functioneel afscheid.

Mijn waardering voor de PvdA’er gaat veel verder terug dan die vier jaar in dienst van de grootste gemeente (in oppervlak) van Friesland. Ik ken Sjoerd nog als de buurman om de hoek.

Daarna kwam ik hem als persman tegen bij de gemeenteraad. Toen ik deel ging uitmaken van dat eerbiedwaardige Sneker college, werden wij collega-fractievoorzitters.

Zijn benoeming (in 2011) tot wethouder van Súdwest-Fryslân als opvolger van de naar Leeuwarder getransfereerde Andries Ekhart was voor mij een verrassing. Ik had het idee dat Sjoerd, ambtenaar in Leeuwarden, geen bestuurlijke ambities had.

Evenzo was zijn vertrek uit de politiek niet een schok, maar wel weer zo’n verrassing. Als afscheidscadeau kreeg hij van burgemeester en wethouders (zie foto, Sjoerd Tolsma staat rechtsonder) een jaar drumles.

eva de wilde Gistermiddag namen we in het uitvaartcentrum op het Harinxmaland afscheid van Eva Langhorst-de Wilde (55 jaar werd ze). De aula en de 'koffiekamer'zaten vol.

Toen Eva nog aan atletiek deed, mocht ik haar interviewen voor Omrop Fryslân. Van het gesprek zelf herinner ik mij niets meer, maar wel van de entourage: een chaotische warboel van kledingstukken en sportspullen in een klein kamertje aan de Bloemstraat.

Vaak kwam ik haar tegen op familiefeestjes. Steevast kwamen dan de drie Snekers op de proppen; die met de houten poot, die met de klompvoet en de derde waarvan ik mij niet kan herinneren wat zijn 'afwijking’ was. Eva visualiseerde uitbundig die ‘mop’ van het in de grond stoppen van de aardappelen.

Eva was ook een groot liefhebber van muziek en zong altijd voluit mee. Tijdens de uitvaart kwam haar muziekkeus voorbij: Claudia de Breij, Ramses Shaffy, de onvermijdelijke Vera Lynn en een onbekende crooner met My Way. Live zong Johnny Kamminga Eva’s lievelingslied ‘Bloed, Zweet en Tranen’.

Het meest ontroerde mij ‘Non, Je ne regrette rien’ van Édith Piaf. ‘Ik heb nergens spijt van’. Dat was Eva ten voeten uit. Een klein vrouwtje, die nergens en nooit ergens spijt van had. Niet van haar afscheid van de atletiek, niet van het stoppen met wedstrijdzeilen in de Regenboog ‘Durk Duvel’ en niet van al dat andere waar ze zich mee bezighield.

Het afscheid van Sjoerd en Eva leverde geen lange kolommen in de media op. Dit in tegenstelling tot de man waarvan ik in gedachten afscheid nam: Thé Lau. Naast Maarten van Roozendaal was Thé voor mij een icoon van het moderne Nederlandse lied.

Ik heb hem één keer ontmoet. In de Melkweg in Amsterdam, tijdens de Nederlandse muzikantendag, een door BumaStemra gesponsorde bijeenkomst met workshops en optredens van Nederlandse popmusici. Thé Lau verzorgde een ‘masterclass’ over liedjes schrijven.

Elk afscheid verdient zijn aandacht. Lang of kort. Immers: ‘Afscheid nemen is met zachte vingers, wat voorbij is dichtdoen en verpakken in de goede gedachten der herinnering.’


We salle weer naar de 3de brugge mutte…

21 Juni 2015 – Wat waren we trots gisteren als Snekers onder elkaar. Dat kunnen we met zijn allen toch maar voor elkaar boksen: een fantastische Mar-athon met zo’n 7.000 wandelaars en hardlopers. Ook de Opregte Sneeker vermaakte zich in het rennerskwartier (voorheen Martiniplein), tevens de kermis bij de finish.

Maar de werkelijke sportliefhebber stond in de straten voor het plein, want daar werd de sportman nog toegejuicht en aangemoedigd. Geen bierdrinkers, genieters van patat en shoarma of van de muziek van Piter Wilkens en Elske de Walle, om maar van onze Siep (medeorganisator, ik zal hem lopen met drie blikjes cola) niet te spreken.

Kruis Wij klapten voor Jan Venhuizen (winnaar bij de heren) en voor onze Ylona Kruis (tweede bij de dames, zie foto boven) en voor al die andere marathonlopers die tussen de amechtig hijgende en door spierkrampen nauwelijks vooruitkomende amateurs de laatste meters door de Sneker dreven draafden. Fietsende en fluitende juryleden gaven aan dat de helden in aantocht waren.

Vandaag kwam de klap. Want wat meldt internet? Het Sneker zwembad It Rak gaat (net als vorig jaar) van 18 juli tot 9 augustus dicht voor onderhoud. Notabene in hartje zomer, midden in het toeristenseizoen, in de tijd dat de thuis vakantie vierende kinderen naar het zwembad zouden moeten kunnen. Sneek, hart van de Zuidwesthoek, stad met bijna 35.000 inwoners en in de Sneekweek nog eens zoveel duizend inwoners meer, moet in die weken een verkoelend bad ontberen.

Oh ja, u zegt het, we hebben het dagrecreatiegebied de Potten, maar daar komt over afzienbare tijd ook een einde aan het baantje trekken. In haar oneindige wijsheid heeft de raad goed gevonden dat er een draaiend rad komt, waarmee men hangend aan een draadje met een plankje door het water kan raggen (een vorm van kitesurfen maar dan anders).

Alleen buiten die 'wildwater skatebaan' kan straks nog gepoedeld worden. Tot de enkels of, in het gunstige geval, tot de knieën in het water, want wie dieper water opzoekt, loopt kans een plank tegen de kanis te krijgen.

Workum krijgt straks een nieuwe zwemvoorziening, maar Sneek moet het blijven doen met een bad, waarvan de zomerse voorziening, het buitenbad, al sinds jaren verworden is tot een immense regenton vol rottende bladeren uit het park. Hoe het erbij ligt? Niet bepaald als een optimale sportvoorziening, dat is zeker.

Kunnen we van de raad op 2 juli, de laatste bijeenkomst voor het zomerreces, nog een ‘reddingspoging’ verwachten? Vergeet het maar. Het gros van de fractievoorzitters interesseert het geen ene mallemoer, want het is Not In My Back Yard. CDA, VVD, D66, TotaalLokaal, GemeenteBelangen, ChristenUnie, hun politieke leiders hebben hun domicilie niet in de Waterpoortstad.

En ook de wethouder met sport in portefeuille is geen Sneker en zal dus ook zijn nek niet uitsteken om het bad in hoogzomer open te houden. Nee, zal hij zeggen, wij hebben als gemeente geen invloed op het bedrijfsbeleid van exploitant Optisport; wij staan op afstand.

Maar hoe zit het dan met het eigendom, met de aandelen? Heeft de gemeente geen substantieel aantal aandelen meer? Het is toch een voorziening van algemeen belang, dat zwembad?

Beste lezers, verbaas u niet wanneer de media straks tussen 18 juli en 9 augustus (de periode van het skûtsjesilen en de Sneekweek) vol verontwaardiging schrijven dat jongeren springen vanaf bruggen in Sneek en omgeving. Jongeren die watersporters pesten door aan bootjes te gaan hangen. Net zoals al vele jaren gebeurt op de Swemmer 'yn de wâlden', waar ze zich van god noch gebod iets aantrekken.

Wie straks nog wil zwemmen en niet in het Rak terecht kan, moet zijn heil echter ergens anders gaan zoeken. Net als vroeger, toen we de fiets pakten en ‘naar de derde brugge gongen om te duken en te swemmen’.

Inderdaad, die derde brug was de hoge brug over het Prinses Margrietkanaal, de brug die nu de plek van de tunnel markeert. Toen gingen wij uit vrije wil; nu moeten we wel. Met ‘dank’ aan Optisport, aan de wethouder en de gemeenteraad.


Slecht voorzomerweer maakt narrig…

19 juni 2015 – Dit stukje draag ik op aan de Oerol-gangers en de artiesten die momenteel nog van het festival genieten. Sinds Frou D. en ik terug gekeerd zijn in de Sneker dreven, is het weer slecht geworden. Maar de show must go on. Ik heb bewondering voor hun volhouden.

In Opium (vandaag vijf voor half acht nog te zien op Nederland 2, daarna eindigt voor Conrad Maas en zijn team Oerol) zat woensdag een deel van het publiek onder het klapperende zeil van een partytent. Dit is de eerste keer in zeven jaar van dit programma, dat ik dit mee maak, aldus de presentator.

groene strand Frou D. en ik hebben het nog getroffen. Twee voorstellingen onder een fraai zonnetje, ‘Holes’ en ‘Paramaribo-Texel’, en laatstgenoemde zelfs onder een ‘brandende’ zon. Bij ‘Reuzen’ was het koud, maar het bleef droog, bij ‘Dead End’ stoof zo nu en dan het zand tegen het gezicht. Alleen bij ‘Jeanne’ was een zitplaats met de rug naar de wind nodig en boden de capuchon en een plastic ‘regenjas’ extra beschutting.

Het weer zit Oerol dit jaar niet mee. Men wordt er wat narrig van. Wij hier op de vaste wal overigens ook. Het moet nu maar eens zomeren. Volgens Paulusma is op 1 juni de meteorologische zomer begonnen; volgens onze kalender begint dat jaargetijde zondag. Er is dus hoop.

Op Terschelling is wethouder Teun de Jong (PvdA) ook ‘weerziek’ geworden. (Of hij is bezig zijn populariteit onder de eigen eilander bevolking te vergroten?) Hij zet zich volgens de LC af tegen de Oerolorganisatie, die naar De Jongs mening te weinig rekening houdt met de eilander belangen.

kussen Nu had ik dergelijke geluiden op het eiland ook al gehoord, maar als een wethouder zoiets schrijft op de gemeentelijke website, dan frons je de wenkbrauwen wel even? Ik heb dus de (overigens ongedateerde) blog van De Jong gelezen. Wat blijkt: het betreft vier positieve alinea’s over 34 jaar Oerol-zegeningen voor het eiland en één met een waarschuwend vingertje.

Ik citeer de omstreden alinea:
‘Wel maak ik mij wel eens zorgen over de wisselwerking tussen vreemd en eigen in de verhouding tussen de Oerolorganisatie en de eilanders. Joop Mulder fungeert hierin als oliemannetje. Hij kent de verhoudingen, belangen en gevoeligheden en weet daarin effectief te opereren als er wrijving is. Over de culturele wisselwerking maak ik mij niet zoveel zorgen. Over de evenwichtskunst van de Oerolorganisatie tussen vreemd en eigen op het eiland ben ik niet zonder zorgen. Een mooie uitdaging voor de komende 34 edities!’

Pleit de wethouder hier voor meer eilanders in de feitelijke organisatie en veel minder mensen van de vaste wal? Als dat gebeurt, wat zijn dan de gevolgen voor de logistiek van winkels, de campings en de horeca? Moet daarvoor dan een week lang personeel aan de rest van Nederland worden onttrokken? De eilanders zullen dat niet vrijwillig doen en bovendien een hogere vergoeding willen dan in de reguliere baan.

Terschelling profiteert van Oerol met zijn 900 vrijwilligers van ‘overzee’. Zakelijk Oerol-directeur Marelie van Rongen heeft ons tijdens een bijeenkomst met Vrienden van Oerol uitgelegd, hoe groot de impact van het festival is.

publiek En wie even doordenkt, weet wat de economische plus voor het eiland is. Gemiddeld besteedt een Oerolbezoeker tijdens zijn verblijf minimaal 600 euro, vertelde Van Rongen. Vermenigvuldig dat maar eens met het aantal mensen dat op het festival afkomt.

Ik snap de wethouder wel, maar dat wil niet zeggen dat ik het met hem eens ben. Eén klacht van een eilander wil ik wel onderschrijven: het fietsgedrag van veel Oerol-gangers. Op een smal paadje met zijn tweeën naast elkaar fietsen en anderen bijna de berm indringen, of met zijn drieën bijna de hele weg blokkeren, dat geeft geen pas.

Gekscherend heb ik al eens gezegd dat ik wil promoveren op een proefschrift over de relatie tussen ‘de duur van een relatie’ en het fietsgedrag. Mijn stelling: je kunt de duur aflezen aan hoe de Oerol’ers samen opfietsen.

Pas verkering of een opbloeiende liefde op het eiland: zij zit op de pakjesdrager, hij trapt met it swit op ‘t gebit. Iets langer bij elkaar: ze fietsen naast elkaar en gaan niet achter elkaar als dat nodig is voor een goede doorstroming.

Al dan niet gelukkig al jaren bij elkaar, dan fietst men consequent achter elkaar en de het verschil tussen de fietsen is een indicatie van de duur. Met als summum de elektrische fiets die op vol vermogen het eiland over raast en waar iedereen voor moet wijken.


Van country tot Pruiksma's slagwerk

14 juni 2015 - Oerol moet een cultureel festival zijn en dat is het ook, althans buiten het festivalterrein op Westerkeyn, een paar hectare weiland achter Midsland. Hier kun je hoefijzers gooien en je te buiten gaan aan al of niet smakelijk voedsel. Maar het echte Oerol-werk vindt plaats op de diverse locaties.

tryaterBijvoorbeeld op de voormalige Skylger vuilstort Nolleke's Plak. Hier speelt De Jonge Republiek/Tryater. Het is het verhaal van een jongeman die vanwege de diefstal van een paar gympies in een strafkamp terecht komt. De straf is kuilen graven, alleen maar kuilen graven. Iedere gevangene heeft zijn eigen verhaal. Het verhaal van de hoofdpersoon is dat zijn lot zijn oorzaak vindt in de streken van zijn grootvader. En dus gaat ook hij in de fout, tot... (Foto Saris en Den Engelsman)

margje wittermansDe variatie en het contrast die Oerol biedt, komt naar voren als je de voorstelling van Margje Wittermans (in een klein theater met 50 stoelen; foto boven) tegenover 'Paramaribo-Texel' aan de Waddenkust bij West-Terschelling zet. Het ene is het verhaal van verlangen naar de zee, naar de romantiek, naar het thuiskomen, het rondzwerven maar ook het verlangen van een thuis. Margje Wittermans vertelt het aan de hand van gedichten van Jan Jacob Slauerhoff en haar eigen gevoel voor het theater, haar thuis. De liedjes worden begeleid op een trekzak.

paramaribo Het decor is statisch en intiem, heel anders dan bij Paramaribo-Texel. Daar zie achter en naast het speelvlak de wijdsheid van het Wad, wat de wijdsheid van de wereld symboliseert. Twee vrouwen en hun levenservaringen staan centraal. De ene is altijd op Texel gebleven, de andere kwam uit Suriname naar ons land.

hoefijzergooien Hoefijzerwerpen, het is eigenlijk een kermisact, die tijdens het Oerol tot kunst wordt verheven. Tot hilariteit van het publiek lukt het bijna niemand om het paardenschoeisel om de paal te krijgen. En toch proberen we het weer.

reuzen Eigenlijk was ook de publieksopening van het Oerol een kermisact. Een serieuze zaak als het overhandigen van een eerste exemplaar van een boek over de Wadden aan de man die ooit als 16-jarige de stoot tot de oprichting van de Waddenvereniging gaf, degradeerde tot een komische gebeurtenis toen bleek dat twee reuzen zogenaamd de verloting voor het tweede boek hadden gewonnen.

publiek Die reuzen zijn 'afkomstig' uit het stuk met dezelfde naam, waarvoor zo'n 700 mensen 's avonds een lange lint in de duinen vormen, om vervolgens op harde banken anderhalf uur te genieten van absurdistisch theater.

hunebed De regisseur van het stuk, tevens de bedenker, is een toneelvernieuwer pur sang, Jetse Batelaan. Het decor is van de uit IJlst afkomstige Theun Mosk die als scenograaf ook een belangrijk aandeel heeft in de openingsvoorstelling van Oerol. Mosk wordt gerekend tot de belangrijkste toneelontwerpers van deze tijd.

dead end En als je het dan toch over vernieuwers hebt, dan mag je het nieuwste werk van Sytse Pruiksma beslist niet missen. Eerder zorgde hij al voor unieke uitvoeringen van zijn composities in het land tussen Kimswerd en Harlingen en met boeien en schepen in het IJsselmeer bij Stavoren.

pruiksmaDe grenspost ligt voorbij de laatste bebouwing van Terschelling. En op het strand voert Pruiksma als grenswacht muzikaal een gevecht met een vluchteling die illegaal ons land probeert binnen te komen. Onwillekeurig denk je aan Lampedusa en andere gebieden langs de Middellandse Zee waar de vluchtelingen als lemmingen aan wal komen. Het percussiespel van Pruiksma roept gevoelens op van verwachting, dreiging en berusting.
En dat alles op een verlaten stuk strand, waar wind en zand het publiek geselen, waar meeuwen door het decor vliegen en waar achter de rug van de toeschouwers de warme strandtent lokt.


Zand op het parkeerterrein en het strand

11 juni 2015 - Wat is de overeenkomst tussen Oerol en het zaterdag startende Zandsculpturenfestival op het voormalige Sneker Flexaterrein (waar over een aantal jaren volgens de geruchten een nieuwe Jumbowinkel verrijst)? Het zit al in de naam van de Sneker happening. Zand.

Nou is dat op Terschelling wel logisch. De zee geeft, de zee neemt. Met iedere breker die op het strand in schuim oplost, verdwijnt weer zand en bij elke storm zie je dat zich duintjes vormen.

Al enkele jaren wordt er tijdens het Oerol geëxperimenteerd met zand. Vorig jaar bijvoorbeeld in een duinvallei. Bezoekers konden daar tuitzakjes vullen met zand. Die werden boven het middenterrein geleegd, waarna de wind voor duinvorming zorgde.

strand Nu heeft de Technische Universiteit van Delft op het strand een aantal locaties gemaakt, waar onderzocht wordt of strandhuisjes op de grens met de Noordzee zin hebben. De conclusie op voorhand is dat dit niet het geval is.

De zeilers in Sneek hebben al door wat daarvan de oorzaak is: de windrichting. Bij Zandvoort, zo werd mij verteld door de TU'ers, staat de wind doorgaans dwars op de huisjes, waardoor ze blijven staan. Op Terschelling zorgt de wind evenwijdig aan de kustlijn voor het omwaaien.

Die problemen hebben ze aan het Somerrak in Sneek niet. Daar wordt voor stevig zand gezorgd waardoor de kunstwerken maanden mee kunnen. Het publiek kan van de beelden genieten, er zit geen wetenschappelijk verhaal of onderzoek achter.

paaltje Bij Oerol wordt genoten van de optredens, van het fietsen (soms met zes man naast elkaar, verbijten echte Terschellingers hun 'argewaasje') en van zon en zee. Vrijdag gaat het festival officieel van start; Frou D. en ik mochten woensdag al een try-out bijwonen. (Op een paaltje met de route naar de voorstelling, ontdekte ik een sticker van de gemeente SWF.)

Holes (=gaten) is een stuk fan De Jonge Republiek (het gezelschap van theatermaakster Sylvia Andringa, ook verantwoordelijk voor Thúsfront) en Tryater. Ik zal er nog niets van verklappen, maar wel dat ik genoten heb van wat in het bos bij Nollekes Plak (de vroegere Terschellinger vuilstort) werd gebracht.

Veel Snekers weten het niet, maar wij kennen aan de rand van de Waterpoortstad ook een 'Nollekes Plak. In het Rasterhoffpark, op de oude vuilstort, is een open lucht theater te vinden. Maar dat wordt nooit gebruikt uit angst voor geluidsoverlast voor de wijk De Brekken.

Wie vandaag bij de haven van West rond spaande, merkte dat nu de Oeroldrukte echt op gang komt. Het eiland begint vol te lopen. En dat geeft hetzelfde gevoel dat je krijgt op de vrijdag voor de Sneekweek.


Het festival und die Liefde

9 juni 2015 – Udo Jörgens (volgens mij) zong er eens over: 'Het festival der Liefde'. Ik wil het nu niet hebben over het songfestival, maar over een ander festival en de liefde daarvoor.

Met dank aan zij die op onze woning en kat passen, verblijven Frou D. en ik op het schone Terschelling waar over enkele dagen het Oerol-festival weer van start gaat. De eerste voorbereidingen zijn al te zien: op verschillende plekken worden de tribunes opgebouwd en repeteren de acteurs, de actrices en de musici.

kunstwerk Ook de nodige kunstwerken verrijzen. Zoals deze op de foto: de Zeven Windstreken, te zien vanaf het Groene Strand. Vanaf het terras van uitspannng de Walvis zie je de bovenkant samenvallen met de horizon. Bewust gedaan of toeval?

Kunst is niet alleen genieten, maar ook associëren. Je eigen emotie, de eigen gedachten laten klikken met wat je ziet. Niet alleen in het museum, maar ook hier op Oerol.

Eigenlijk is moderne kunst net een boek. Als je een boek leest, maak je in je hoofd een eigen voorstelling. Daarom valt een film naar een boek vaak tegen.

Zo'n windroos in zee heeft hetzelfde effect. Daar stel je je in je achterhoofd ook iets bij voor (tot je de naam ontdekt die de kunstenaar eraan gaf).

Ik dacht meteen aan de grote boei die een paar jaar geleden tijdens de Sneekweek juryleden, bestuurders en gasten herbergde. Tenminste als er teamwedstrijden van de Regenbogen werden verzeild.

affiche Vorig jaar kende Oerol een route met kastjes waar je je hand in moest steken. Je voelde dan iets van de natuur. Sommigen schrokken van iets kriebelends, wat bij nadere beschouwing eigenlijk gewoon een schapenvacht was.

Op Oerol kom ik zeker nog terug, want wij hebben de komende tijd een aantal voorstellingen voor de boeg, dat zeker het vermelden waard zal zijn. Maar eerst nog even wat over een ander 'festival der liefde'. Althans dat hoort te moeten worden.

Gisteravond werden bewoners van de Noorderhoek in Sneek geïnformeerd over de plannen voor een AZC in de wijk. In Rijs en Balk leidden initiatieven voor die opvangcentra tot veel protest.

Dat valt in Sneek wel mee, concludeert de Leeuwarder Courant. Logisch, want vergeleken met het aantal inwoners van onze stad gaat het maar om een relatief kleine groep.

En aan mensen die 'afwijken' van het in ons land gangbare, ik schrijf afwijken met opzet tussen aanhalingstekens, zijn we wel gewend. Zij vallen in de Waterpoortstad minder op dan bijvoorbeeld in de kleine gemeenschap van een Gaasterlands dorp.

En toch zijn er mensen die op een snerende of soms beledigende wijze menen te moeten reageren op de komst van de vluchtelingen en op de hulp aan hen. Internet en social media als Facebook worden daarbij beschouwd als vrijplaatsen voor scheldkanonnades.

Terecht dat Peter van Egmond de reactierubriek op zijn site 'Sneek Su Het Ut Weest' voor die 'spreekkoren' heeft gesloten. Ik wil hem daar mee complimenteren.

We moeten er met zijn allen voor waken dat de opvang van mensen uit gebieden waar dictatuur en geweld heerst, waar zonder vorm van proces mensen worden onthoofd of doodgeschoten, dat zo'n opvang ontaardt in een 'festival van haat'.


It stoarmet yn de eter…

4 juny 2015 – It stoarmet yn de eter. Komt aanst ús omrop yn Grinzer hannen? Dat moat net barre. Kom op Poepjes, kop derfoar, hâldt de Omrop út 'e wyn en soargje derfoar dat se yn Ljouwert eigen baas bliuwe.

No komt ús leave Sytske út Makkum en dy wit njonkelytsen wol dat wat Den Haach yn de kop hat, dat hat Den Haach net yn 'e kont. Sjoch mar nei it wynmûnepark yn de Iselmar. Sytske en Sander en dy oare deputearren kinne opspylje wat se wolle, mar...

Al hat minister Kamp al wat belies jûn yn Grinslân fanwegen de ierdbevingen, hy sil net nochris om lyk wolle. Kamp hat Marinier west en 'eenmaal een marinier altijd een marinier, rechtdoor zee op het doel af. Hallelujah.'

storm Dy mentaliteit kinne wy sa njonkelytsen ek fan de oare bewâldslju yn Den Haach en dus ek fan de omropbobo's yn Hilversum ferwachtsje. As der yn Hilversum besunige wurde moat op de publike omrop, dan moatte de regio's dat ek belije. Dat is it logyske gefolch fan in sintrale finansiering.

Doe't ik foar it earst meiwurke oan in radioprogramma yn de regio, wie dat foar de RONO. It wie de Snitswike fan 1969 en ik waard frege om de studio yn Grins te skiljen om ferslach fan dat hurdsilen te dwaan minútsje sfear en de wichtichste útslaggen en dat wie it.

Fan Grins út waard alle dagen foar in koart skoft nei Ljouwert oerskeakele foar in programma dat oer Fryske saken gie. Sa wiene der ek blokjes foar Grinslân en Drinte en de lieding fan dy stjoerder siet yn in histoarysk gebou yn de Grinzer binnenstêd.

Mar de heechste baas siet yn Hilversum. Dat wie de kommissaris regionale saken yn it bestjoer fan de Nederlandse Omroep Stichting. Doe't ik yn 1978 fan de krante oerstapte nei de Fryske omrop wie dat Minne Dykstra fan Beetstersweach. Hy hat letter foar D66 yn de Twadde Keamer in sit han.

In feite krigen alle meiwurkers fan Hilversum út yn Ljouwert in fêst wurkplak, mei in eigen baas, Simon Strijkstra. Hy wie de eardere direkteur fan de opliedingssintrum fan de Omrop en sette him te wenjen yn de omkriten fan it Hearrenfean. Pas yn dy jierren '70 waard Omrop Fryslân eigen baas mei in eigen studio yn Ljouwert en in eigen stjoerder yn Jirnsum (yn in mêst dy't ek foar oare omroppen brûkt waard). Mar noch altyd ûnder it gesach fan Hilversum.

Jierren letter waard de Omrop lykskeakele oan in tal regionale omroppen dat stichtingen wienen. Dy wurken folle goedkeaper en dat waard ek de takomst fan de Fryske Omrop. Selsstannich wolle, bêst, maar wol mei minder jild. It liket wol de WMO-operaasje.

Net sa folle letter waard de finansiering feroare. De saneamde omropbydrage (in aparte belêsting) ferdwûn en de omrop krige jild út de gewoane belêstinggpot, wêrby it foech by de provinsje kaam te lizzen. Dy krige it jild fan it ryk taskikt en moast it oerdrage oan de omrop. Njonken dat mocht der mei reklame ek jild fertsjinne wurde.

Ik ha begrepen dat de provinsje dat gesach oer dat omropjild no wer kwyt rekke is en dat derom de omrop in pear kear in behoarlike besuniging foar de kiezen krigen hat. En no dus wer want Omrop Fryslân, Radio Noord en Omroep Drenthe moatte ien groep foarmje mei elk in eigen haadredakteur, mar wol mei in grutte baas yn Hilversum. We binne dus aanst werom by de sitewaasje yn de jierren '60, '70.

It sil gefolgen ha foar de kwaliteit fan de programma's. Miskien sille de meiwurkers (noch) mear op de knibbels moatte foar wat se tinke dat de sjoggers en harkers graach ha wolle. Dat sil hoop ik net gean op it nivo fan wat hjoed as 'Kollum' (ik tocht efkes oan dat doarp) op ynternet stie. Bûten Post moat seker in soarte fan Fryske 'Dag In Dag uit fan de Volkskrante of in Lucky TV fan de Wereld Draait Door' foarstelle. In humoristyske blik op it wrâldnijs fertaald nei Fryslân. Ik koe der net om laitsje. Ik hoop dat de redaksje der wol om lake hat, oars is it helendal in mislearring.

De ûntjouwings by de omrop kinne je fergelykje mei de sitewaasje by de Noordelijke Dagblad Combinatie, dêr it Dagblad van het Noorden en de Leeuwarder Courant by hearre. En gearwurkje moatte. Hjoed seach ik wer ris sa'n sintralistysk gefolch fan dy gearwurking (mei behâld fan in part fan de selsstannichheid). Op de foarside fan beide kranten itselde ûnderwerp. It oppotten fan it jild yn de soarch.

Miskien komt it allegearre wol goed, moat ik mear betrouwen ha yn hja dy't boppe ús steld binne. Mar as ik sjoch hoe it sa no en dan om en ta giet by de Telegraaf-groep, dêr't in eardere direkteur fan de NDC foar master opslacht (en no docht bliken dat hy in strieman is fan ien fan de grutoandielhâlders), tegearre mei in kompaan dy't sels yn Snits wennet, dan binne ik wolris in bytsje benaud foar de mediatakomst.


We hoeven niet terug naar vroeger, maar…

2 juni 2015 – 'Buiten huilt de wind om 't huis/ Maar de kachel staat te snorren op vier'. Ik moest vanmorgen denken aan de beginregels van '1948', het eerbetoon van Gerard Cox aan mijn geboortejaar.

Volgens onze gewaardeerde weerprofeet Piet P. te H. is gisteren de meteorologische zomer (een slip of the pen was dat ik eerder schreef dat het om de lente ging) begonnen. Herfst zal hij bedoelen. Maar er is gelukkig niets veranderlijker dan het weer, want volgens de weerapp op mijn smartphone, wordt het vanaf morgen beter.

omgewaaide boom Storm op de Waddenzee, de snelboten naar Terschelling en Vlieland varen niet, kreeg ik te lezen van Doeksen. In april waren wij op Terschelling en toen was dat ook al het geval. We werden gezandstraald op het strand en fietsen ho maar.

Ik heb toen op dat eiland een foto van een omgewaaide boom gemaakt, maar in de commotie rond de omgewaaide ceder bij onze eigen domicilie is die plaat nooit op deze site terecht gekomen. Die omissie maak ik hierbij goed.

Wat doe je als de wind om het huis hult en de kachel staat te snorren op 20 graden (thermostaat)? Dan kijk je eens goed naar welke apps op je telefoon je wat te vertellen hebben, Nou daar word je ook niet altijd even vrolijk van.

Ik weet wel dat Facebook een ditjes en datjes app is, dus literaire of extreem nieuwswaardige hoogstandjes moet je er niet op verwachten. Maar sa no en dan raast it ta de protters. Nee, niet wat particulieren doen, maar de middenstanders en voornamelijk de grootwinkelbedrijven.

'Als je ons liket, maak je kans op een pakket van dit of dat ter waarde van zus of zoveel.' Ja, ja, denk ik dan. Het zal wel. Want heb ik ook meegemaakt dat de naam van de glorieuze winnaar (m/v) bekend gemaakt werd via FB? Als je goede sier met je actie wilt maken, dan moet je ook een follow-up geven. Hoe kan je anders controleren of het wel serieus is.

De marketingmensen hebben nog een andere truc gevonden. De laatste tijd rollen geregeld berichten mijn postbox binnen met het bericht dat ik kans maak op een boodschappenpakket van 500 euro bij deze of gene grootgrutter.

Als ik dan vervolgens naar het emailadres van de afzender kijk (kun je al veel uit opmaken), dan zie ik nooit de naam van dat bedrijf, maar altijd een of ander obscuur adres. In dit geval beflap ik ook een marketingbedrijf onder de obscure.

Dus niet intrappen. Blijkbaar maakt de anonimiteit van internet de ondoorgrondelijkheid van veel zaken alleen maar groter. Meer transparantie was toch ooit de bedoeling?

Vroeger (in 1948 en nog veel later) stond bij de producten in de winkel een prijskaartje. Tegenwoordig moet je de pakjes drie keer omdraaien voordat je tussen de bijna onleesbare (dus verplichte) productinformatie, kon lezen wat je bij de kassa kwijt bent.

En op internet, de goede bedrijven niet te na gesproken, wat zie je vaak? Als je bijna de bestelprocedure door bent, en haast niet meer terug kunt vanwege de ingewikkelde volgorde die de programmeurs hebben bedacht, komt de ware prijs voor het licht.

En die blijkt dan gelijk of hoger te zijn vergeleken met de winkel om de hoek. Want dan moeten de verzendkosten er ineens bij opgeteld worden. Dan blijkt dat kopen bij die lijfelijk aanwezige en aardige juffrouw of meneer leuker is en gezelliger ook.

Dus, als Gerard Cox uitgezongen is, toch maar even de bealich erop en tegen de wind in fietsen naar de stad. Kijk dan meteen even bij die nieuwe winkeltjes die de laatste tijd geopend zijn. Bijvoorbeeld Zoet en Zo van mijn oude buurjongen en zijn eega, op de hoek van de Galiga-promenade, een winkelgebiedje dat nodig weer Galigastraat moet worden. Net als in 1948.